apart slapen

Apart slapen komt je relatie ten goede

Apart slapen is een taboe, het klinkt alsof de vlam in de relatie gedoofd is. Terwijl het net het omgekeerde effect kan hebben. In zijn boek kruipt socioloog Jean-Claude Kaufmann bij koppels tussen de lakens. Want het is in bed dat duidelijk wordt hoe gezond een relatie is.

Leestijd: 2 minuten

Wat heb je ontdekt dat we nog niet wisten over samen slapen in één bed?

Jean-Claude Kaufmann: ‘De gewoonte om als koppel het bed te delen gaat terug tot in de middeleeuwen. Als je eenmaal getrouwd was dan sliep je samen – de Kerk schreef dat zo voor. Vandaag kijken we anders naar relaties. De basis wordt gevormd door twee individuen die samen een plek willen creëren waar ze zich allebei goed voelen. Tegelijk hebben partners behoefte aan voldoende ademruimte. Ze kiezen daarom de momenten die ze samen spenderen goed uit – ook de tijd die ze in bed doorbrengen.’

Vandaag slapen koppels almaar vaker apart, stel je.

J-CK: ‘Gescheiden slapen is niet nieuw maar kwam vroeger alleen voor in de rijkere kringen. Vandaag zet de trend zich door in alle lagen van de bevolking. In het begin zijn koppels heel symbiotisch en vallen ze in elkaars armen in slaap. Na verloop van tijd wordt dat moeilijker. Je krijgt pijn aan je armen, je hebt het te warm enzovoort. Sommige laten zich daar niet door afschrikken, het verlangen om dicht bij elkaar te blijven is belangrijker dan al de rest. Koppels die meer op hun comfort zijn gesteld kiezen voor aparte kamers.’

Dat klinkt toch een beetje alsof de vlam gedoofd is.

J-CK: ‘Veel koppels slapen apart als een kans om hun seksleven, hun liefdesleven te doen heropbloeien. Je moet elkaar opnieuw verleiden. Een vrouw vertelde me ooit dat zij en haar man één keer per week apart slapen. Andere koppels kruipen samen in bed maar brengen dan de nacht apart door. Iedereen probeert zijn eigen oplossing te zoeken. En dat kan soms de relatie redden.’

Je benadrukt het belang van een vast ritueel voor je gaat slapen.

J-CK: ‘Inderdaad. Vroeger zat de maatschappij anders in elkaar. Je trouwde en daardoor werd je ook een koppel. Vandaag volgt iedereen zijn eigen tempo. Het is dus aan de partners zelf om hun relatie vorm te geven. En dat heeft veel te maken met de slaapkamer en de manier waarop die gebruikt wordt. Het bed is een soort bubbel. Wat telt is dat je er dingen doet met z’n tweeën, om regels te hebben die alleen gelden voor jullie: één lang hoofd­kussen of twee aparte, één of twee donsdekens, wel of geen licht aan, het raam open of gesloten …’
‘En niet te vergeten de kleine rituelen voor het slapengaan, een kus geven, aan een bepaalde kant van het bed slapen … Een koppel moet zich permanent heruitvinden, en in de slaapkamer komt dat het best tot uiting. In bed zie je ook of een relatie goed zit. Rug aan rug slapen, waarbij de partners elkaar aanraken, is niet hetzelfde als rug aan rug slapen waarbij beide partners op het randje van het bed liggen. De eerste tekenen van een crisis komen trouwens vaak het eerst naar boven in bed.’
Fysieke nabijheid kan een marteling zijn wanneer je niet meer van elkaar houdt. Het komt er dus op aan om heel nauwgezet de bedgewoonten te ontleden en een nieuwe manier te vinden om samen te zijn.’

Jean-claude Kaufmannis socioloog en auteur van ‘Un lit pour deux, la tendre guerre’.


Artikel gepubliceerd in Psychologies n°54 
www.psychologies.be/nl